zoeken op deze pagina Aantekening toevoegen
Interne instructie Arbeidsinspectie Fysieke belasting: Kantoorwerkplekinrichting (beeldschermwerk & oppervlakte werkplek)







Arbeidsinspectie
Prinses Beatrixlaan 82
Den Haag



Artikelcode --, november 2004
Bron: www.arbeidsinspectie.nl




De Arbeidsinspectie maakt deel uit van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid


Deze interne handhavingsinstructie is niet meer verkrijgbaar op de site van de Arbeidsinspectie.



INHOUDSOPGAVE

1. INLEIDING

2. WETTELIJKE GRONDSLAG

3. INSPECTIE WERKPLEKINRICHTING
3.1 Beoordeling
3.1.1 Algemeen
3.1.2 Criteria
3.2 Handhaving

4. INSPECTIE WERKPLEKOPPERVLAKTE
4.1 Beoordeling
4.1.1 Algemeen
4.1.2 Afmetingen
4.2 Handhaving

5. INSPECTIE VERLICHTING
5.1 Beoordeling verlichting
5.1.1 Algemeen
5.1.2 Verlichtingsniveau
5.1.3. Luminantieverhoudingen
5.2 Handhaving

BIJLAGE 1: STROOMSCHEMA 'S BEELDSCHERMWERK

BIJLAGE 2: MODELEIS VOORLICHTING RSI

BIJLAGE 3: MODELTEKSTEN WAARSCHUWING

BIJLAGE 4: STANDAARDVERLICHTINGSTERKTE


Versie: 01 26-11-04





1. INLEIDING


Het aantal werknemers dat kantoorarbeid, waaronder beeldschermwerk, verricht neemt jaarlijks toe. Aan beeldschermwerk zijn specifieke risico's voor de gezondheid verbonden. Enerzijds door de statische houding van het lichaam, anderzijds door de repeterende handelingen van armen, polsen en handen. Nek-, schouder-, arm- en polsaandoeningen kunnen het gevolg zijn. Deze klachten worden ook wel aangeduid met de verzamelnaam RSI (repetitive strain injuries). Om deze risico's te verminderen en het liefst te voorkomen worden er in de arbeidsomstandighedenwetgeving eisen gesteld aan het beeldschermwerk. Deze interne instructie geeft richtlijnen hoe met deze wetgeving om te gaan. Per inspectieproject kan de instructie op maat worden toegepast.


Een beeldschermwerkplek hoeft niet per definitie altijd een kantoorwerkplek te zijn en andersom. Een beeldschermwerkplek kan een werkplek op school zijn, een werkplek in een winkel of een werkplek bij een balie van een receptie etc.


Er wordt in deze interne instructie verschil gemaakt in de handhaving ten aanzien van een kantoorwerkplek waar eventueel kort( < 2uur per dag) met een beeldscherm gewerkt wordt en daar waar er gewoonlijk langer dan 2 uur per dag met een beeldscherm gewerkt wordt. In beide situaties moet de werkplek doelmatig zijn. Als er langer dan 2 uur aan een beeldscherm arbeid verricht wordt is de afdeling beeldschermwerk van het Arbobesluit op deze werkplek van toepassing en geldt er aanvullende regelgeving.


Er is voor gekozen om de beoordeling van de benodigde vloeroppervlakte voor een kantoorwerkplek aan deze interne instructie toe te voegen. Voor de beoordeling van andere werkplekken dan een kantoorwerkplek wordt verwezen naar de interne instructie werkplekinrichting.
Er is een hoofdstuk verlichting opgenomen omdat dit onderwerp onlosmakelijk verbonden is met kantoorwerkplekken.


Definitie beeldschermwerkplek
Een beeldschermwerkplek is een werkplek waarbij gebruik wordt gemaakt van een of meer beeldschermen en van de daarbij behorende apparatuur, met inbegrip van de onmiddellijke werkomgeving.


Definitie kantoorwerkplek
Een kantoorwerkplek is een ruimte waar administratieve werkzaamheden worden uitgevoerd zoals: lezen, schrijven, dataverwerking, werken met een PC of met een laptop, telefoneren en administratieve handelingen.


Definitie beeldschermwerk
Als iemand gewoonlijk twee uur of langer op een dag aan een beeldscherm werkt, verricht hij of zij beeldschermwerk in de zin van de Arbowet 1998. Dit houdt in dat men alle delen van het werkelijk werken aan een beeldscherm, gemeten over een werkdag (8 uur), bij elkaar optelt. Komt men dan aan 2 uur beeldschermwerk dan verricht men beeldschermwerk in de zin van het Arbobesluit, hoofdstuk 5, afdeling 2, beeldschermwerk. Indien men op een dag langer dan 2 uur achtereen beeldschermwerk verricht, dient na ten hoogste twee achtereenvolgende uren het beeldschermwerk afgewisseld te worden door andersoortige arbeid of door een rusttijd, zodanig dat de belasting van het verrichten van arbeid aan een beeldscherm wordt verlicht (art. 5.10 Dagindeling, Arbobesluit).




2. WETTELIJKE GRONDSLAG


Voor het voorkomen en de aanpak van problemen op het terrein van fysieke belasting als gevolg van beeldschermwerk zijn de volgende artikelen en beleidsregels van belang:


Arbowet 1998
Artikel 8. Voorlichting en onderricht



Arbeidsomstandighedenbesluit
Artikel 3.19 Afmetingen en luchtvolume van ruimten; bewegingsruimte op de arbeidsplaats.
Artikel 5.3 Beperken gevaren en risico-inventarisatie en evaluatie
Artikel 5.4 Zitgelegenheid
Artikel 5.7 Definities beeldschermwerk
Artikel 5.8, lid 1 en lid 2 Toepasselijkheid besluit beeldschermwerk
Artikel 5.9, lid 1 en lid 2 Inventarisatie en evaluatie beeldschermwerk
Artikel 5.10 Dagindeling van de arbeid
Artikel 5.11, lid 1, 2, 3, 4 Maatregelen met betrekking tot de bescherming van de ogen en het gezichtsvermogen van de werknemers.
Artikel 5.12 Voorschriften voor de inrichting van werkplekken
Artikel 5.14 Toepasselijkheid op thuiswerk
Artikel 5.15 Werkplekvoorzieningen bij thuiswerk.
Artikel 6.3 Daglicht en kunstlicht





Arboregeling
Artikel 5.1 Apparatuur en meubilair
Artikel 5.2 Inrichting van de werkplek



Beleidsregels
Beleidsregel 3.19 Afmetingen van arbeidsplaatsen in kantoren.
Beleidsregel 5.1 Beeldschermarbeid; apparatuur en meubilair (grondslag Arboregeling)
Beleidsregel 5.4-1a Zittend werk
Beleidsregel 5.4-3 Zitgelegenheid bij Baliewerk (oa lid 3)
Beleidsregel 5.11 Bescherming ogen en gezichtsvermogen bij beeldschermwerk
Beleidsregel 6.3 Verlichting (grondslag Arbobesluit)





3. INSPECTIE WERKPLEKINRICHTING


Iedere werkplek moet doelmatig zijn ingericht waarbij aan een werknemer die arbeid verricht welke geheel of gedeeltelijk zittend kan worden uitgevoerd een doelmatige zitgelegenheid ter beschikking wordt gesteld. Kantoorwerk is arbeid welke bij uitstek zittend kan worden uitgevoerd, dus ongeacht de tijdsduur dient deze werkplek altijd doelmatig te zijn ingericht. Doelmatig wil zeggen dat er rekening wordt gehouden met de lichaamsmaten van de werknemer en de aard van de werkzaamheden.
Om beeldschermwerk uit te voeren zonder dat men kans loopt op gezondheidsklachten is goede voorlichting over het werken met beeldschermen belangrijk. Tijdens de inspectie zal dan ook met een aantal vragen gecheckt worden of betrokkenen voldoende voorlichting over dit onderwerp hebben gekregen.
In deze interne instructie wordt uitgegaan van de traditionele beeldschermwerkplek waar zittend aan een werkblad beeldschermwerk wordt verricht. Het gebruik van een zit-statafel is erg in opkomst. Door het toepassen van een zit-statafel op de werkplek bied je mensen de mogelijkheid hun houding regelmatig te veranderen. Langdurig zitten is niet gunstig voor het lichaam, langdurig staan evenmin. Juist door de mogelijkheid tot afwisseling van zitten of staan zien we dit als een goede invulling van een doelmatige werkplekinrichting.


3.1 Beoordeling


De inspecteur bepaalt of de kantoorwerkplek doelmatig is ingericht aan de hand van de criteria a t/m e. In eerste instantie wordt een inschatting gemaakt zonder daadwerkelijk de werkplek op te meten. Als het vermoeden bestaat dat aan een of meer van de criteria niet wordt voldaan en er daardoor problemen kunnen ontstaan moet de werkplek worden opgemeten. Daarna wordt bepaald (f) hoelang er door de werknemer per etmaal op de werkplek aan het beeldscherm wordt gewerkt.
Indien dit gewoonlijk twee uur of langer is (hoeft niet aaneengesloten) dan is de afdeling beeldschermwerk van het arbobesluit op deze werkplek van toepassing. Om te bepalen of de beeldschermwerkplek aan deze afdeling voldoet worden de criteria g t/m j doorlopen. De letters in de tekst verwijzen naar de letters in de stroomschema's 1 (< 2uur beeldschermwerk) en 2 (> 2 uur beeldschermwerk) in bijlage 1.


a. Zitgelegenheid: Is de stoel zodanig ingesteld of kan de stoel zo worden ingesteld dat de werknemer tijdens het uitvoeren van zijn werkzaamheden een goede houding kan aannemen en behouden? De armleuningen zijn in hoogte en in breedte verstelbaar. Als de armleuningen niet verstelbaar zijn, dan moeten ze voor de gebruiker op de goede plek zitten. Dit is echter alleen mogelijk indien de stoel specifiek voor die werknemer is uitgezocht.(Armleuningen zijn noodzakelijk indien de armen niet op een andere manier doelmatig kunnen worden ondersteund, bijvoorbeeld door een uitsparing in de tafel, waardoor de armen op het tafelblad kunnen steunen.)
Indicatie: De hoek tussen voeten/onderbenen, onderbenen/bovenbenen, bovenbenen/romp en onderarmen/bovenarmen is ongeveer 90°


b. Werkhoogte: Is de tafel zodanig instelbaar of van zodanige hoogte dat de werknemer zijn werkzaamheden nadat de stoel is ingesteld kan blijven uitvoeren in een goede houding?
Indicatie: zonder opgetrokken schouders (werkhoogte te hoog) of zonder de kin op de borst/ gebogen rug (werkhoogte te laag) Bij afwijkende lichaamsmaten kan een in hoogte verstelbare voetensteun ter bevordering van een goede houding hierbij noodzakelijk zijn.


c. Reikafstand: Zijn de te gebruiken arbeidsmiddelen (bijvoorbeeld de muis en het toetsenbord) zo opgesteld dat de werknemer deze kan gebruiken met minimale spieraanspanning van de hand, arm en schouder (dus met behoud van de ondersteuning van de armen)?
Indicatie: de opstelling is minder dan 25 cm van de tafelrand.


d. Afmetingen werkblad: Heeft het werkblad minimaal een oppervlakte van 1.20 m breed en 0.80 m diep? (NEN 2449)


e. Voet- en beenruimte: Kan de werknemer tijdens het verrichten van de werkzaamheden zijn/haar benen goed onder het werkblad kwijt, zijn/haar benen naar voren strekken en is de beenruimte iets breder dan de stoel?
Indicatie: 70 cm hoog, 60 cm breed de minimale diepte ten behoeve van de benen en de voeten respectievelijk 65 en 80 cm





f. Twee uur of langer: Wordt er gewoonlijk twee uur of langer beeldschermwerk door betrokken werknemer verricht? (vormt beeldschermwerk hoofdbestanddeel van de taak?)
* Minder dan twee uur beeldschermwerk? Einde inspectie werkplek. Eventuele knelpunten in a t/m e betekenen dat de (beeldschermwerk)plek niet doelmatig is ingericht. De knelpunten moeten zijn opgenomen in de risico-inventarisatie en -evaluatie en in het plan van aanpak. Volg stroomschema 1 voor de juiste handhaving.
* Twee uur of langer beeldschermwerk? Afdeling twee 'beeldschermwerk' van hoofdstuk 5 van het arbobesluit is van toepassing [1]. Ga verder met g t/m j. De volgende stappen worden doorlopen:


g. Arbeidsgezondheidskundig (oog) onderzoek? Wordt de beeldschermwerker in staat gesteld een arbeidsgezondheidskundig onderzoek met betrekking tot de ogen en het gezichtsvermogen te ondergaan?


h. Afwisseling georganiseerd? Is de arbeid zodanig georganiseerd dat er na twee achtereenvolgende uren kan worden afgewisseld met andersoortige arbeid of door een rusttijd?


i. Apparatuur en meubilair voldoen aan ergonomische eisen en werkomgeving in orde ?
- Beeldscherm goed te plaatsen.(recht voor werknemer)
- Kan de werknemer met het hoofd in een neutrale (iets gebogen) stand de tekst op het beeldscherm lezen?
Indicatie: afstand tussen beeldscherm en ogen is minimaal 50 cm.
- Mogelijke (directe)verblinding en hinderlijke reflecties op beeldscherm en werkplek worden vermeden.
- Beeldscherm vrij van hinderlijke glans en spiegelingen van lichtarmaturen, ramen ed
- Documenthouder aanwezig bij gebruik van documenten.
- Werktafel of werkvlak maakt een comfortabele werkhouding van de gebruiker mogelijk.
Om dit te realiseren is bij het gebruik van documenten een documenthouder vaak noodzakelijk.


j. Voorlichting? Wordt er voorlichting over RSI gegeven?
De volgende vragen kunnen aan de werknemers worden gesteld om te controleren of een goede voorlichting is gegeven:
1. Gezondheidsklachten
Weet u welke gezondheidsklachten veroorzaakt kunnen worden door beeldschermwerk?
Mogelijke antwoorden kunnen zijn:
- Klachten aan handen, polsen armen, schouders en nek (RSI),
- Andere klachten aan het houding- en bewegingsapparaat,
- Oogvermoeidheid,
- Hoofdpijn.


[1] Uitgezonderd als beeldschermwerkplek: bestuurdersplaatsen op machines, computersystemen voor het publiek, draagbare systemen die niet aanhoudend worden gebruik,(de laptop neemt hierin een aparte positie in, zolang deze los wordt gebruikt valt de laptop buiten het toepassingsgebied), rekenmachines en conventionele schrijfmachines met display.


2. Preventieve maatregelen
a. Weet u wat een goede, doelmatige houding bij beeldschermwerk is? (hoe zit u goed op uw stoel)?
Mogelijke antwoorden kunnen zijn:
- De hoek tussen voeten/onderbenen, onderbenen/bovenbenen, bovenbenen/romp en onderarmen/bovenarmen is ongeveer 90°.
- Zo ontspannen mogelijk: geen extreme gewrichtsstanden (buigen/strekken) of spierspanning in het lichaam (vooral polsen, schouders en nek).


b. Weet u hoe de beeldschermwerkplek goed ingesteld wordt alvorens te gaan werken?
Mogelijke antwoorden kunnen zijn:
- Stoel zodanig dat een goede werkhouding kan worden ingenomen (zittinghoogte, rugleuning, armleuningen)
- Werkhoogte (werkbladhoogte inclusief muis/ ingeklapt toetsenbord) is gelijk aan ellebooghoogte bij ontspannen schouders
- Beeldschermen iets onder ooghoogte en op minimaal 50 cm afstand
c. Werk- en rusttijden: Weet u hoelang er uit gezondheidsoogpunt maximaal achtereen beeldschermwerk mag worden verrichten? Hoelang duurt de pauze daarna minimaal? Hoelang mag een werknemer maximaal beeldschermwerk per etmaal verrichten?.
Mogelijke antwoorden kunnen zijn:
- 2 uur achtereenvolgens, onderbroken door
- 10 minuten pauze of andersoortig werk
- maximaal 5 tot 6 uur per etmaal


3. Klachtentraject
a. Weet u wat u moet doen indien er bij u gezondheids- of RSI klachten ontstaan?
Mogelijke antwoorden kunnen zijn:
- de werknemer is bekend met het aanspreekpunt/ procedure bij klachten
- de werknemer weet dat hij of zij het kan melden bij de bedrijfsarts en het hoofd van de afdeling.


b. Worden er maatregelen genomen naar aanleiding van uw klachten?
Mogelijke antwoorden kunnen zijn:
- er wordt voorlichting en instructie gegeven over goede werkhouding
- er kan een werkplekonderzoek plaatsvinden door de Arbo-dienst
- aanschaf meubilair en/of hulpmiddelen is mogelijk


3.2 Handhaving


Indien een werknemer gebruik maakt van een kantoorwerkplek (eventueel met een beeldscherm) wordt er op de aandachtspunten a t/m e onder 3.1 geïnspecteerd en op de artikelen beschreven in stroomschema 1 gehandhaafd.
De aandachtspunten moeten zijn opgenomen in de RI&E en de te nemen maatregelen in bijbehorend plan van aanpak. Volg stroomschema 1 voor de juiste artikelen.


Indien er gewoonlijk langer dan 2 uur (f) beeldschermwerk wordt verricht, wordt tevens op de punten g t/m j geïnspecteerd en op de artikelen beschreven in stroomschema 2 gehandhaafd. Bij knelpunten, zowel a t/m e als g t/m j, moeten deze zijn opgenomen in de RI&E en de te nemen maatregelen in bijbehorend plan van aanpak.
Volg stroomschema 2 voor de juiste artikelen.
Bij het aantreffen van (een) knelpunt(en) wordt dus ook de RI&E geïnspecteerd.


Handhaven d.m.v. waarschuwing
* Werkplekinrichting, gewoonlijk korter dan 2 uur beeldschermwerk per etmaal
Indien er overtredingen van de onder de hiervoor genoemde criteria a t/m e worden geconstateerd, dan volgt een waarschuwing op doelmatige zitgelegenheid op grond van op grond van art.5.4 lid 1 van het Besluit, nader uitgewerkt in Beleidsregel 5.4-1a zittend werk.
Aandachtspunt(en) a t/m e niet opgenomen in RI&E: waarschuwing op artikel 5.3 lid 2 Arbobesluit


* Werkplekinrichting, gewoonlijk 2 uur of meer beeldschermwerk per etmaal
Indien overtreding van punt(en) a t/m e dan waarschuwing op doelmatige zitgelegenheid op grond van art.5.4 lid 1 van het Besluit, nader uitgewerkt in Beleidsregel 5.4-1a zittend werk.
Punt g (oogonderzoek) waarschuwing op grond van artikel 5.11 lid 1 arbobesluit, nader uitgewerkt in Beleidsregel 5.11.
Punt h (10 min. afwisseling na 2 uur) waarschuwing op grond van artikel 5.10 Arbobesluit.
Punt i (apparatuur, meubilair en werkomgeving) genoemd in artikel 5.12 Arbobesluit en nader uitgewerkt en waarschuwing op grond van de artikelen uit de Arboregeling, (art.5.1 lid d, e, l en k en artikel 5.2 lid b,c en d), aangezien art.5-12 uit het besluit niet beboetbaar is gesteld.


Indien , tenslotte geen aandacht is besteed aan de punt(en) a t/m j in RI&E: waarschuwing op basis artikel 5.9 lid 1 Arbobesluit


Handhaven d.m.v. een eis
* Werkplekinrichting, gewoonlijk 2 uur of meer beeldschermwerk per etmaal
Punt j (voorlichting en onderricht) eis op grond van artikel 8 lid 1 Arbowet.


Zie bijlage 3 VOORBEELDTEKSTEN




4. INSPECTIE OPPERVLAKTE KANTOORWERKPLEKKEN.


4.1. Beoordeling


4.1.1. Algemeen
In een kantoor is ruimte nodig voor de plaatsing en het gebruik van het kantoormeubilair en apparatuur. Verder moet er onder meer ruimte zijn voor beweging en privacy.
Een kantoorwerkplek is een ruimte waar werkzaamheden worden uitgevoerd als lezen, schrijven, dataverwerking, beeldschermwerk, telefoneren en administratieve handelingen. De minimaal benodigde ruimte wordt bepaald door de ruimte voor de medewerker zelf inclusief de bewegingsruimte op de desbetreffende werkplek plus het meubilair, de hulpmiddelen en de kasten.


4.1.2 Afmetingen van de kantoorwerkplek.
Kantoorwerkplekken zijn werkplekken waar o.a. met beeldschermen gewerkt wordt. Er zijn voor de inrichting van dergelijke werkplekken regels gesteld aan het benodigde aantal vierkante meters. Er moet gewerkt kunnen worden met voldoende privacy (afstand onderling) en een ergonomische opstelling van het meubilair.
Elk kantoorvertrek moet voldoen aan de minimumafmetingen die te berekenen zijn uit de sommering van de verschillende elementen in die ruimte, zoals de aanwezige personen, het kantoormeubilair, de kasten en de vergadervoorziening.


Optellen wat van toepassing is:
Element Minimumoppervlakte
De medewerkers 4 m² voor iedere werkplek die gewoonlijk langer dan 2 uur per dag door één of meer medewerkers wordt gebruikt, inclusief kantoorwerkstoel en circulatieruimte op de werkplek.
De kantoorwerktafel 1 m² per werkplek met plat (TFT) beeldscherm
  2 m² per werkplek met gewoon(CRT) beeldscherm
  1 m² voor een schrijf/leesvlak
  2 m² voor uitleg van tekeningen
De kasten 1 m² voor elke vrijstaande of verrijdbare kast
De vergadervoorziening 2 m² per persoon (mag elders in het gebouw)

Bron: NEN 1824 2001


Let op: bij de meeste kantoorwerkplekken kan men dus uitgaan van een basis van 5m2 omdat er tenminste 4m2 voor iedere werkplek nodig is (medewerker). Plus 1m2 voor een schrijf leesvlak (kantoortafel) of 1m² voor een plat beeldscherm. Daarbij komt dan nog de oppervlakte per element uit de tabel.


Bij handhaving in callcenters dient de inspecteur contact op te nemen met de specialist Arbeidsbelasting van zijn of haar kantoor.


Als er minder dan 2 uur per dag gebruik gemaakt wordt van een werkplek.
Is de kantoorwerkplek minder dan 2 uur per dag of minder dan 1 dag per week bezet? Dan wordt deze plek als reserve/flexwerkplek beschouwd en kan worden volstaan met 2 m² per werkplek, de ruimte benodigd voor de werktafel met een gewoon of plat beeldscherm.


Indien nodig worden er per project afspraken gemaakt over eventuele aanpassing van de werkplekafmeting die echter altijd doelmatig ingericht dient te zijn.


De berekening van benodigde ruimte:

aantal basiswerkplekken met benodigd werkblad = m²
aantal reserve/flexwerkplekken < 2 uur per dag x 2 m² = m²
aantal kasten x 1 m² = m²
ander meubilair incl. gebruiksruimte
________ +
totaal benodigde oppervlakte = .....m²



4.2 Handhaving:


Komt de afmeting van de kantoorwerkplek niet overeen met de minimale vereisten uit de tabel op blz. 8 dan wordt er een waarschuwing gegeven op grond van art. 3.19 van het Arbobesluit.


Handhaven d.m.v. waarschuwing. Tekst overtreding:
De afmetingen van de kantoorwerkplek (beschrijven)komen niet overeen met de minimumvereisten. Op bovenstaande werkplek is geconstateerd dat de oppervlakte .m² is.
Volgens de norm dient deze m² te zijn.
De werkgever heeft op de werkplek bij het uitvoeren van kantoorwerkzaamheden onvoldoende ruimte beschikbaar gesteld aan de medewerker om de werkzaamheden in juiste ergonomische omstandigheden te verrichten




5. INSPECTIE VERLICHTING


5.1 Beoordeling


5.1.1. Algemeen
Voor de verlichting van kantoren heeft men de beschikking over kunstlicht en daglicht.
In een kantoorruimte dient altijd daglichttoetreding aanwezig te zijn. Daarnaast zien we vaak aanvullende kunstlichtverlichting van de ruimte en van de werkplek.
Bij de verlichting van kantoorruimten zijn ondermeer de hoeveelheid licht (de verlichtings-sterkte) en de verhouding tussen de helderheden in het gezichtveld (luminantieverhoudingen) van belang.


Voor een goede waarneming van de informatie op het beeldscherm, is het nodig om de verlichting en de beeldschermapparatuur goed op elkaar af te stemmen.


5.1.2 Verlichtingsniveau
(zie tabel) bijlage 3
Aangezien vaak zowel leeswerk van papier als beeldschermwerk in één ruimte wordt verricht, is het gewenst uit te gaan van normaal verlichte kantoorruimten met een verlichtingsniveau vanaf 200 lux. Deze waarde is gebaseerd op de NEN 3087. De meeste visuele taken kunnen volgens deze norm verricht worden bij verlichtingssterkten van 200 tot 800 lux. Te veel licht wordt bij het werken met beeldschermen vaker als hinderlijk ervaren dan te weinig licht.


Met indirecte verlichting worden in het algemeen verlichtingsniveaus op de werkplek bereikt van 200 tot 300 lux. In bepaalde gevallen zal aanvullende individuele werkplekverlichting, bijvoorbeeld met goede werkpleklampen, nodig zijn. Een combinatie van directe en indirecte verlichting: hierbij hangen de verlichtingsarmaturen op zekere afstand van het plafond en stralen zowel licht uit richting plafond als richting werkvloer. Door de weerkaatsing via het plafond en directe verlichting direct onder de armaturen ontstaat een algemeen verlichtingsniveau.


5.1.3. Luminantieverhoudingen
De luminantieverhoudingen (helderheidsverhoudingen) op en rond de werkplek dienen bepaalde grenzen niet te boven te gaan. Voor de luminatieverhouding kan men uitgaan van de volgende vuistregel:
Papier : Werkblad = 3 : 1
Papier : Omgeving = 10 : 1, of (bij toetreding van daglicht) 1 : 10


5.1.4 Daglicht
Bij het afstemmen van de beeldschermen op de vensters verdient het volgende de aandacht:
- Beeldschermwerkplekken kunnen niet zodanig geplaatst worden dat het dag- of zonlicht via de vensters op het beeldscherm valt. De beeldschermen zijn dan niet meer goed leesbaar (spiegelingshinder en contrastverlies) door de overdaad aan daglicht of zonlicht.
- Ter voorkoming van te hoge luminantieverhoudingen is het gewenst het beeldscherm zo min mogelijk tegen een achtergrond te plaatsen waarin zich een venster bevindt. Indien deze situatie niet vermeden kan worden mag de luminantie van de vensters, die voorzien zijn van helderheidwering, niet meer bedragen dan 30 maal de beeldschermluminantie.


5.2 Handhaving


Er kan op verlichting worden gehandhaafd op grond van:
Arbobesluit afdeling 2 artikel 6. 3 en 6.4 , uitgewerkt in beleidsregel 6.3 Verlichting )
Voorlopig wordt er in projecten (actief) niet op verlichting gehandhaafd.
Indien er naar aanleiding van een klacht (reactief) vragen over verlichting zijn neemt de inspecteur contact op met de specialist Arbeidsbelasting.




Bijlage 1: Stroomschema's










Bijlage 2: Eis Voorlichting RSI


Overtreding:
Er is onvoldoende uitvoering gegeven aan voorlichting en onderricht aan werknemers die beeldschermwerk verrichten.


Inhoud van de eis:
Op basis van mijn bevoegdheid op grond van artikel 27 van de Arbeidsomstandighedenwet stel ik u de volgende eis:
Werknemers die beeldschermwerk verrichten dienen te worden voorgelicht over de gezondheidsrisico's ten gevolge van beeldschermwerk en geïnstrueerd over de maatregelen ter preventie van voornoemde risico's. De werkgever houdt toezicht op de naleving van de instructies ter preventie van gezondheidsklachten. In de voorlichting moet minimaal aandacht worden besteed aan:


1. de gezondheidsklachten die veroorzaakt kunnen worden door beeldschermwerk, te weten:
* Klachten aan de handen, polsen, armen, schouders en nek (RSI)
* Overige klachten aan het houding- en bewegingsapparaat
* Oogvermoeidheid
* Hoofdpijn


2. de maatregelen ter preventie van bovengenoemde risico's, te weten:
* De werknemer weet hoe hij/zij een gezonde werkhouding bij beeldschermwerk moet aannemen
* De werknemer kan zijn/haar beeldschermwerkplek zo instellen dat een goede werkhouding aangenomen kan worden
* De werknemer weet dat twee uur werken met minimaal 10 minuten pauze of andersoortig werk afgewisseld moet worden
* De werknemer weet dat er maximaal 5 tot 6 uur per etmaal beeldschermwerk verricht mag worden.


3. de te volgen procedure bij het ontstaan van gezondheids- (RSI)-klachten bij beeldschermwerk waarbij:
* De werknemer kent het aanspreekpunt bij het optreden van mogelijke klachten.


De inhoud van deze eis is gebaseerd op artikel 8 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998.




Bijlage 3: Voorbeeldteksten waarschuwing


Voorbeeldtekst voor overtreding feit B 50040101, Doelmatige zitgelegenheid


In uw bedrijf zijn werkplekken voor kantoorarbeid aangetroffen die niet doelmatig zijn ingericht, waardoor het lichaam van de werknemers onvoldoende wordt ondersteund en/of de werknemer ongunstige werkhoudingen moet innemen. De werkplek(ken) bevinden zich
.(maatwerk).
Aan een werknemer die arbeid verricht, welke geheel of gedeeltelijk zittend kan worden uitgevoerd, moet daartoe een doelmatige zitgelegenheid ter beschikking worden gesteld.
(kies 1 of meer van onderstaande zinnen)
1. U hebt geen stoel beschikbaar gesteld die zodanig instelbaar is dat de werknemer tijdens het uitvoeren van zijn werkzaamheden een goede houding kan aannemen en behouden,
2. U hebt geen tafel ter beschikking gesteld die zodanig instelbaar is dat de werknemer tijdens het uitvoeren van zijn werkzaamheden een goede houding kan aannemen en behouden,
3. U hebt onder het werkblad onvoldoende ruimte voor benen en voeten gecreëerd,
4. U hebt aan de werknemer geen voetensteun ter beschikking gesteld van voldoende afmeting en/of verstelbaarheid,
5. U hebt aan de werknemer onvoldoende werkbladruimte ter beschikking gesteld,
6. U hebt bij de opstelling van de muis en het toetsenbord onvoldoende rekening gehouden met het maximale handbereik,
7. U hebt door de opstelling van het beeldscherm onvoldoende rekening gehouden met de kijkafstand bij het beeldschermwerk, aldus zijnde een overtreding van artikel 16, 10e lid van de Arbeidsomstandighedenwet 1998, juncto artikel 5, 4e lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit, aangewezen als beboetbaar feit in artikel 9.9b, 1e lid onder e van datzelfde besluit.


Voorbeeldtekst voor overtreding feit R 5010001 en/of R5020001, Ergonomische eisen apparatuur, meubilair en werkomgeving.


In uw bedrijf zijn werkplekken aangetroffen waar voornamelijk beeldschermarbeid wordt verricht, en waar niet wordt voldaan aan de ergonomische eisen voor apparatuur, meubilair en de inrichting van deze werkplek. De werkplekken bevinden zich ..(maatwerk).
(kies 1 of meer van onderstaande zinnen)
1. Het beeldscherm was niet vrij te plaatsen en niet gemakkelijk verstelbaar en kantelbaar,
2. Het beeldscherm was niet vrij van hinderlijke glans en spiegeling,
3. De gebruikte documenthouder was niet stabiel en regelbaar en was niet zo geplaatst dat oncomfortabele hoofd- en oogbeweging tot een minimum waren beperkt ,
4. Bij de opstelling van het beeldscherm voor het raam was er sprake van mogelijke verblinding of hinderlijke reflectie en zijn de ramen niet uitgerust met een passende instelbare helderheidswering,
aldus zijnde een overtreding van artikel 5.12 van het Arbobesluit, juncto artikel 5.1, lid d,e,l of k en/of artikel 5.2 lid b,c of d (maatwerk) van de Arboregeling, aangewezen als beboetbaar feit in artikel 9.9b, 1e lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit.


Voorbeeldtekst voor overtreding feit B50100001, niet langer dan 2 uur achtereen beeldschermwerk
Bij een of meerdere medewerkers op afdeling (maatwerk) is onvoldoende afwisseling in beeldschermwerk geregeld. Er wordt niet na twee achtereenvolgende uren afgewisseld met andersoortige arbeid of door een rustpauze. Aldus zijnde een overtreding van artikel 5.10 van het Arbeidsomstandighedenbelsluit, aangewezen als beboetbaar feit in artikel 9.9b 1e lid onder e van datzelfde besluit.


Voorbeeldtekst voor overtreding feit B50110101, Oogonderzoek
Een of meerdere medewerkers op afdeling (maatwerk) is of zijn niet in staat gesteld een arbeidsgezondheidskundig onderzoek met betrekking tot de ogen en het gezichtsvermogen te ondergaan.
Aldus zijnde een overtreding van artikel 5.11 van het Arbeidsomstandighedenbesluit, aangewezen als beboetbaar feit in artikel 9.9b 1e lid onder e van datzelfde besluit.


Voorbeeldtekst voor overtreding feit B 30190101, Afmetingen arbeidsplaats
In uw bedrijf zijn werkplekken voor kantoorarbeid aangetroffen, waarvan de afmetingen niet overeenkomen met de minimale vereisten. De werkplek(ken) bevind(en) zich
.(maatwerk).
De werkgever heeft op deze werkplek(ken) bij het uitvoeren van kantoorwerkzaamheden onvoldoende ruimte beschikbaar gesteld aan de medewerker (incl. circulatieruimte) om de werkzaamheden in juiste ergonomische omstandigheden te verrichten.
De afmetingen van de kantoorwerkplek kwam niet overeen met de minimumvereisten: 4 m2 voor iedere basiswerkplek met daarbij opgeteld 1 m2 per (plat)beeldscherm, 1 m2 indien gebruik wordt gemaakt van documenten, en 1 m2 per kast, aldus zijnde een overtreding van artikel 16, 10e lid van de Arbeidsomstandighedenwet 1998, juncto artikel 3, lid 19 van het Arbeidsomstandighedenbesluit, aangewezen als beboetbaar feit in artikel 9.9b, 1e lid onder e van datzelfde besluit.


Voorbeeldtekst voor overtreding feit W080101, Voorlichting en Onderricht
Zie de voorbeeldtekst in bijlage 2.


Voorbeeldtekst voor overtreding feit B 50030201 RI&E fysieke belasting (< 2 uur bsw)
In de risico-inventarisatie en -evaluatie, is geen aandacht besteed aan de knelpunt(en) met betrekking tot de inrichting van de werkplek met beeldscherm (maatwerk). Er is geen plan van aanpak waarin maatregelen met termijnen om de risico's te voorkomen dan wel te beperken, staan beschreven.
Het betreft de volgende knelpunten:
_
Nagelaten was in het kader van de inventarisatie en evaluatie, bedoeld in artikel 5 Arbowet, de veiligheids- en gezondheidsaspecten van de fysieke belasting te beoordelen, waarbij met name gelet had moeten worden op de risico's van kantoorarbeid (met en zonder beeldschermwerk), aldus zijnde een overtreding van artikel 16, 10e lid van de Arbeidsomstandighedenwet 1998, juncto artikel 5.3, 2e lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit, aangewezen als beboetbaar feit in artikel 9.9b, 1e lid onder e van datzelfde besluit.


Voorbeeldtekst voor overtreding feit B 50030201 RI&E fysieke belasting (> 2 uur bsw)
In de risico-inventarisatie en -evaluatie, bedoeld in artikel 5 van de Arbowet, is geen aandacht besteed aan de knelpunt(en) met betrekking tot de fysieke belasting als gevolg van arbeid aan het beeldscherm.
Er is geen plan van aanpak waarin maatregelen met termijnen om deze risico's te ondervangen staan beschreven.
Het betreft de volgende knelpunten:
_
_




4: Standaardverlichtingssterkte

Standaardverlichtingssterkte Toepassing
10 lx tot 200 lx Oriëntatieverlichting
Verlichting in ruimten die niet of slechts kortdurend als werkruimte worden gebruikt en waar de visuele taak niet moeilijk is. In het algemeen zal plaatselijk een aanvullende werkverlichting nodig ziijn voor het lezen van drukwerk of taken met een vergelijkbare detailgrootte
200 lx tot 800 lx Werkverlichting
Verlichting in ruimte die geregeld als werkruimte worden gebruikt. De meest visuele taken kunnen worden verricht in dit gebeid van verlichtingssterkten. De hoge niveaus binnen dit gebied moeten worden teogepast, waar men direct zicht heeft op een binnenruimte met een hogere verlichtingssterkte of in dieper gelegen delen van de ruimte van waar men direct zicht heeft op de hoge lichtniveaus van kleine detalis en zwakke contrasten kunnen vooral voor ouderen er toe leiden dat een hoog verlichtingsniveau binnen deze klasse moet worden gekozen.
800 lx tot 3000 lx Speciale werkverlichting
Verlichting, die als plaatselijke verlichting voor speciale taken wordt toegepast. Vooral bij het vermijden of opwekken van effecten van glans en/of schaduw, die de zichtbaarheid van de taak beïnvloeden, is het plaatselijk karakter van de verlichting gewenst.

Bron: NEN 3087 (beleidsregel 6.3 Arbobesluit)